Gratis verzending: vanaf € 80.-   vanaf € 40.-

♫ ca 3185 links

Vreemde woorden in de muziek

a Zesde toon van de 4 stamtoonladder . Op de a' (a eengestreepte octaaf) met een frequentie van 440 hertz worden instrumenten gestemd.
a battuta - in de maat, op de slag
a bene placito - naar voorkeur [tempo]
a capella IT (a cap) - 'in de kapel'; voor koor zonder instrumentale begeleiding
a capriccio - grillig Tempo
a deu IT (a2) - met zijn tweeën bij dubbele bezetting in het orkest
a due corde - verschuiving
A grote terts grote tertstoonladder op a, genoteerd in drie kruisen met als verhogingen fis, cis, gis
a kleine terts kleine-tertstoonladder op a zonder voortekens.
a piacere IT - naar wens, vrij in tempo en voordracht, synoniem met ad libitum
a prima vista IT (a vista) - op het eerste gezicht zonder voorkennis, van het blad spelen
a punto d'arco IT - met de punt van de strijkstok
à quatre mains FR - met vier handen
a quattro mani IT - met vier handen
a quattro voci IT - met vier stemmen
a tempo IT - in het aanvankelijke tempo, in de maat
a tre IT - met z'n drieën
a vista IT (a prima vista) - op het eerste gezicht zonder voorkennis, van het blad spelen
aanbeeld - een slaginstrument dat bestaat uit een massief blok staal, ook metaalblock
aangehangen pedaal - pedaal dat geen zelfstandige pijpen heeft
aanslaande versiering - versiering die voor de hoofdmoot komt
aanslag - wijze van toonvorming op piano of clavecimbel, ook toucher
aanspringende wisselnoot - een toon die valt op een relatief zwak maatdeel en wordt voorafgegaan en gevolgd door tonen die tot het akkoord behoren, en wel in de volgorde sprong-wisselnoot-seconde
ab initio LAT - vanaf het begin, ook Da Capo
ABA-vorm - driedelige liedvorm
abbandono IT - overgave
abandonné - vrij, zonder beperking
abbandonamente - met overgave
abbassamento (abb.) - zwakker worden, laten zakken [stem]
abbellimenti IT - versieringen
abbreviatuur - afkortingen, afgekorte schrijfwijze
absolute muziek - muziek die niet verwijst naar buitenmuzikale gegevenheden
absolute toonnamen - de tonen a, b, c, d, e, f, g en de hiervan afgeleide tonen as, ais, bes, bis etc.
absoluut gehoor - vermogen om de juiste hoogte van een toon te bepalen, zonder vergelijking met andere tonen te hebben
académie de musique et de poësie - gesticht door de dichter Baïf in 1571 als neerslag van het humanisme op de muziek
académie royale de la musique - het officiële operagebouw te Parijs ten tijde van Louis XIV, gesticht door Robert Cambert (1628?-1677)
accarezzevole IT - liefkozend, vleiend
accelerando IT (acc., accel.) - zich versnellend, sneller worden
accent klemtoon; FR - korte voorslag
accentparallellen -niet direct opvallende parallelle kwinten of octaven op zware of relatief zware maatdelen.
acceso ontbrand, vurig
acciaccatura IT - 1. versiering met een korte, sterk dissonerende voorslagsnoot 2. anticiperende korte voorslag in zeer snel tempo 3. mordent
accidentiae LAT - het geheel van vaste en toevallige voortekens
accidentie - voorteken, alteratieteken
accolade - haak die de notenbalken verbindt
accompagnement FR - begeleiding
accompagnato (accomp., acc.) - met een uitgeschreven begeleiding
accordatura IT - verstemmen van een viool, ook scordatura
accordoir FR - stemvork
Achtel D - achtste noot
achtste noot - notenwaarde; teken; bij twee of meer ook aan elkaar genoteerd: of
achtste rust - een rust ter waarde van een achtste noot, teken:
acuto IT - scherp
ad libitum (ad lib.) - naar voorkeur, in tempo en voordracht vrij
ad una corda IT - op één snaar te spelen, dwz linkerpedaal indrukken
adagio (ad) - langzaam
adagissimo - zeer langzaam
aequaal - gelijk, klinkt als genoteerd, achtvoets register op het orgel
Aeuia Aevia - afkorting voor Alleluia
affabile - lieflijk, vriendelijk
affanato - bedroefd, afgemat
affettuoso (con affetto) - bewogen, vol affect, gevoelig
affrettando - versnellend
affrettato - gehaast
afkorting - abbreviatuur
afstreek - afwaarste streek [stokvoering]
agevole - licht, gemakkelijk
agile (agilmente) - vlug, beweeglijk
agitato (agitatamente)- opgewonden, onrustig, geagiteerd
al (à la) - tot aan
al fine - tot aan het einde
al segno - [herhaling] tot aan het teken, segno, da capo
alla (all') - op de manier van, op zijn manier
alla breve (C) - 4/4 maat in het dubbele tempo, teleenheid 2/2
alla marcia - als een mars
alla pollacca - op Poolse wijze, op de manier van een Polonaise
allargando (allerg.) - Langzamer wordend, breder wordend [vaak ook tergelijkertijd luider]
alla siciliana - op Siciliaanse wijze, als een Siciliano [6/8]
alla turca - op Turkse wijze
alla zingarese - op zigeunerwijze
allegramente - opgewekt, vrolijk
allegretto (alltto) monter, - wat minder snel dan een allegro
allegro (all.) - opgewekt, levendig, snel
allentando - langzamer wordend
all'ongarese - op Hongaarse wijze
all'ottavaeen - octaaf hoger of lager dan genoteerd
all'unisono - unisono
alternativement - afwisselend, geeft de herhaling aan van een deel van een dans of stuk na inlassen
alternativo - afwisselend, geeft de herhaling aan van een deel van een dans of stuk na inlassen
altra volta - nogmaals
alzamento (alzato alz.) - Bij het kruisen van de handen op het klaviatuur, een hand over de andere zetten
alzati - dempers opheffen, pedaal
amabile - lieflijk, beminnelijk
amorevole (con amore) - liefdevol, met liefde
ancora (ancora pui) - nogmaals, nog meer
andante (and.) - gaand, rustig
andantino (andino) - iets beweegelijker dan andante
angoscioso - angstig
anima (con anima) - ziel, met ziel
animato - met bezieling, levendig
animoso - levendig
appassionato - hartstochtelijk, gepassioneerd
appoggiando - steunend, gebonden
appoggiato - gesteund, aangehouden [zangstem]
appoggiatura - voorslag
appuyé - met nadruk
arcato - met de strijkstok
arco (col'arco, c.a.) - met de strijkstok [na pizzicato]
ardente - gloeiend, vurig
arditamente (ardito) - krachtig, fors
ardore (con ardore) - gloed, met gloed
arioso z- angerig, lyrisch
arpège (arpègement) - arpeggio
arpeggio - op de manier van een harp gespeeld gebroken akkoord
apreggiando (arpeggiato, arp.) -in gebroken akkoorden te spelen [arpeggio]
assai - zeer
assez - genoeg, tamelijk
attacca - zonder pauze verder [aan het einde van een deel], meteen verder gaan
attacca subito - meteen verder gaan
au chevalet sul ponticello - barré versperd, bij fretinstrumenten
Barokpizzicato - sterk pizzicato door de snaar weg te trekken
bassa ottava (8va) - een octaaf lager spelen dan genoteerd
basso (b.) - bas
basso continuo (b.c.) - voortdurende bas, becijferde bas
bebung - matig snelle, geringe toonhoogtevariatie
beklemtoning (/è) - teken voor zwaarlicht, beklemtoond, niet beklemtoond
ben (bene) - goed
ben legato - goed gebonden
bis - tweemaal, herhalen [abbreviatuur]
bocca chiusa (a bocca chiusa) - met gesloten mond, neuriën
bouché - gestopt [koper], gedekt [orgel]
bravura - (con bravura) virtuositeit, met elan
brillante - schitterend, geestrijk
brio (con brio) - vuur, met vuur
burlando - schertsend
C - als halve cirkel, staat voor 4/4 maat
cadence - dubbelslag, cadenza
cadenza (cad.) - cadens, oorspronkelijk geïmproviseerde passage
cadenzato - in de maat, ritmisch
calando (cal.) - laten afnemen, minder worden in tempo en geluidssterkte
calmando (calmato) - rustig wordend, rustig
cantabile - zangerig
cantus firmus (c.f.) - vaste stem
cantus prius factus (c.p.f.) - eerder gemaakte stem
capotasto (capo d'astro) - een over de hals van een fretinstrument te schuiven klem, die de stemming verhoogt
cappriccioso (capricc.) - grillig
carezzando (carezzevole) - liefhebbend, liefkozend
c.b. - col basso
c.d. - colla destra, destra
cédez - langzamer worden
celere - snel
c.f. - cantus firmus
chevalet sul ponticello
chiaramente - klaar, helder, duidelijk
chiuso - gestopt [hoorn]
cluster tros - tonen, voor alle meerstemmige instrumenten en voor orkest en koor mogelijk
c.o. - (col ottava) ottava
col - met
col arco (c.a.) - arco
col basso (c.b.)- met de bas, met de contrabas samen
colla parte - met de hoofdstem, de begeleiding aan de hoofd- of solostem aanpassen
col legno - stokvoering bij strijkers, met het hout van de stok de snaren aanslaan of strijken
coll'ottava (coll 8va, c.o.) - met octaafverdubbeling
come prima (come sopra) z- o als eerder, zoals boven
come stà - zoals het er staat, zonder versieringen toe te voegen
comodo g- emakkelijk, in een prettig tempo
con - met
con affetto - met liefde, met gevoel
con calore - met warmte
concitato - opgewonden
con delicatezza - met verfijning
con fuoco - met vuur
con grazia - met bevalligheid
con gusto - met smaak, met stijl
con moto - met beweging, levendig
con slancio - impulsief
con spirito - met geestdrift
contano (cont.) - zij tellen de maten rust, pauzerende orkestleden
continuo (cont.) - basso continuo
coperto - bedekt, voor het dempen een doek over de pauken leggen
corda vuota - losse snaar
coulé - voorslag
c.p.f. - cantus prius factus
crescendo (cresc.) - toenemend in geluidssterkte, luider wordend
croisez - handen kruisen
c.s. - (colla sinstra) sinistra
cuivré - schetterend als koperblazers
da Capo D.C. - van voren af aan, vanaf de aanvang nogmaals
da capo al fine - herhaling vanaf het begin tot het einde respectievelijk tot en met fine of een aangegeven plek
da capo senze repetizione - van voren af aan, zonder herhalingen
dal segno (Dal S., D.S.) - vanaf het teken herhalen, segno
D.C. - da capo
debile - zwak
deciso - vastberaden [ritmiek]
decrescendo (decresc. decr.) - afnemend in geluidssterkte, zwakker wordend
dehors (en dehors) - buiten, als uit de verte
delicatamente - fijn, teder
delicatzza (con delicatzza) - met tederheid
démancher - registerwisseling bij strijkers, handen kruisen bij klaviatuur
demper - pedaal, sordino
destra (colla destra, c.d.) - met de rechterhand, mano
détaché - stokvoering bij strijkers, verandering van richting per noot
diluendo - oplossend
diminuendo (dimin, dim.) - minder wordend in volume, zachter wordend
distinto - duidelijker, helder
divisi (div.) - akkoordenverdeling over meer strijkers in plaats van dubbelgreepspel, a due
dolce z- acht, liefelijk
dolcezza (con docezza) - met zachtheid, liefelijk
dolcissimo - zeer zacht, liefelijk
dolente - klagend
doloroso (con dolore) - smartelijk, met smart
doublé - dubbelslag
doucement - zoet, zacht
douloureux - smartelijk
D.S. - dal segno
dubbelkruis - accidentie
dubbelslag - voorslag van de hoofdnoot van boven en van onder
dubbelcadens - dubbelslag met triller
dubbelcadens met mordent - als de dubbelcadens, maar met naslag
dubbele triller - gelijktijdige trillers in tertsen of sext intervallen
dubbele voorslag (port de voix double) - voorslag met twee noten in een verschillende interval
due - a due
due corde - op twee snaren, verschuiving
due volte - tweemaal
duramente - hard
durezza (con durezza) - met hardheid, met dissonanten
éclatant - schitterend, luisterrijk
effettuoso - doeltreffend
élargissant - breder en langzamer wordend
empressé - haastig, gehaast
en dehors - dehors
espressione (con esprissione, c.espr.) - met gevoel
espressivo (espr.) - met gevoel, expressief
estinguendo - uitdovend, heel zacht wordend
estinto - uitgedoofd, nauwelijks hoorbaar
éteint - estinto
étouffé - gesmoord, de toon meteen dempen
Euouae (Evovae) - afkorting voor seculorum amenf forte
facile (facilmente) - gemakkelijk
falset - kopstem
fastoso - vol pracht en praal
fermate - teken dat noten of rusten naar believen verlengt
fermezza (con fermezza) - stevig
feroce - wild, onstuimig
ff - fortissimo
ffz - forzatissimo
fiacco - mat
fiero (fieramente) - heftig, wild, trots
fine (al fine) - einde, tot aan het einde
fin'al segno - [herhaling] tot aan het teken, segno, da capo
flageolet - opwekken van boventonen op snaarinstrumenten door de vinger licht op de deelpunten te zetten
flatté - (flattement) mordent [17e eeuw], schleifer [18e eeuw]
flautando (- flautato) stokvoering bij strijkers, boven of vlak bij de hals strijken
flebile - klagend
forte (f) - sterk, luid
fortissimo (ff) - zeer sterk, zeer luid
fortefortissimo (fff) - zo sterk mogelijk
fortepiano (fp) - sterk beklemtoond en daarna meteen zacht
forza(con forza) - met kracht
forzando, forzato (fz) - versterkt, op de voorgrond geplaatst, beklemtoond [forzando]
funèbre - duister, treurig, bij een begrafenis horend
fuoco (con fuoco) - met vuur
furioso - wild, stormachtig
fz - forzandogaiement vrolijk
garbato (con garbato) - met gratie, liefelijk
gedekt - orgelregister, aan de bovenkant gedekte pijpen klinken een octaaf lager
generale pauze (G.P.) - rust voor alle instrumenten
gentile - vriendelijk
gestopt - voor blaasinstrumenten, met demper
giocoso - schertsend, speels
gioioso - vrolijk
giusto (tempo giusto) - juist, het gepaste, juiste tempo
glissando (gliss.) - glijdend, snelle toonsopeenvolging op- of afwaarts
G.O. - grand orgue
G.P. - generale pauze
gradatamente - langzamerhand
gradevole - aangenaam, prettig
grand jeu - groot snel, grand orgue
grand orgue - groot orgel, hoofdwerk
grandezza (con grandezza) - met verhevenheid
grave - zwaar, langzaam, plechtig
grazioso - gracieus, bevallig
groppe groppetto, gruppo, - dubbelslag
gusto (con gusto) - met smaak, met tijl
harpeggio - arpeggio
herstellingsteken - accident
hoofdstem - aanduiding van de belangrijkste stem in moderne partituren
impetuoso (con impeto) - heftig, met onstuimigheid
incalzando - dringend, versnellend
indeciso - onzeker, vrij in tempo
innocente - onschuldig
inquieto - onrustig
istesso tempo - l'istesso tempo
jeté - richochet
klinkend - niet transponerend genoteerd, de notatie stemt overeen met de werkelijke klank
korte voorslag - voorslag
lacrimoso - wenend, klagend
lamentabile (lamentoso) - klagend, treurig
lancio (con lancio) - met vaart
lange voorslag - voorslag
largamente - breed
largando - allergando
larghetto - ietwat breed, iets sneller dan largo
largo - breed, langzaam
legatissimo - zeer gebonden, legatp
legato - gebonden, notatie met legato- of bindingsboog bij noten van verschillende toonhoogte
leggiadro - licht, gracieus
leggierezza (con leggierezza) - met lichtheid
leggiero (leggieramente) - licht, los, non legato
legno - col legno
lentement (lento) - langzaam
l.h. - linkerhand
libitum ad - libitum
licenza (con alcuna) - met enige uitvoeringsvrijheid
lieto - vrolijk
lievo - licht
liscio - glad
l'istesso tempo - hetzelfde tempo, in dezelfde teleenheid ondanks maatwisseling
loco - weer op de normale plaats, na octavering
louré - stokvoering bij strijkers, licht accentueren van losse noten, portato
lo stesso tempo - l'istesso tempo
lusingando - vleiend
m. manualiter
ma -maar
ma non troppo - maar niet te veel
maestoso - verheven, majesteus
main droite (m.d.) - met de rechterhand
main gauche (m.g.) - met de linkerhand
malinconico - melancholisch, zwaarmoedig
mancando (manc.) - afnemend, zachter en langzamer
manualiter (man., m.) - op het manuaal te spelen, orgel, dus geen pedaal
mano destra (m.d.) - met de rechterhand
mano sinistra (m.s.) - met de linkerhand
marcato marcando (marc.) - gemarkeerd, beaccentueerd, beklemtoond
mertelé - stokvoering bij strijkers, gehamerd, korte, krachtig afgezette streek, martellato
martellato - gehamerd, krachtig staccato
marziale - krijgshaftig
m.d. - main droit, mano destra
m.s. - mano sinistra
medesimo tempo - hetzelfde tempo
meno - minder
meno forte - minder sterk
meno mosso - minder bewogen, minder lonevendig
meno piano - minder zacht, iets sterker
mente (alla mente) - uit het hoofd, geïmproviseerd
messa di voce - laten aanzwellen en afnemen van een toon
mesto - treurig
mezza voce (m.v.) - met halve stem
mezo (m.) - midden, half
mezzoforte (mf.) - half sterk, tussen piano en forte
mezzo piano (mp.) - half zacht, tussen piano en forte
misura (alla misura) - streng in de maat
misura (senza misura) - vrij in tempo
misurato - afgemeten, in de maat
M.M. Metronoom van Maelzel, - tikkende chronometer met een schaal van 40 tot 208 slagen per minuut
moderato (mod.) - gematigd, matig
molto -veel, zeer
morbido - week, zacht
mordent - wissel met de ondersecunde
morendo - stervend, zachter en langzamer wordend
mormorando - murmelend
mosso - lonevendig
moto (con moto) -met beweging
mp. - mezzopiano
m.s. - mano sinistra
muta - aanwijzing voor blazers en paukenisten de stemming te veranderen
mute - demper
m.v. - mezza voce
naslag - versieringsnoten na de hoofdnoot, maar in de tijd daarvan, voorslag, meestal aan het eind van een triller
nevenstem - aanwijzing in moderne partituren
non - niet
non legato - articulatiewijze tussen legato en staccato in, slechts op de piano mogelijk
non tanto - niet zoveel
non troppo - niet te veel
O - Engelse aanduiding voor de klaviatuurvingerzetting
obligato - obligaat, een genoteerde instrumentale stem, die bij de uitvoering niet weggelaten kan worden
ondeggiando (ondeggiamento, ondulé) - wiegend, golvend, speelaanwijzing voor strijkers om tonen te laten afnemen en aanzwellen, tremolo
ongarese (all' ongarese) - Hongaars
opstreek - opwaartse streek, stokvoering
opus (op.) - Opus, werk
ossia - te kiezen varianten in de notentekst, meestal vereenvoudigingen
ottava (8va, 8…) - octaaf
ottava alta (ottava sopra) - een octaaf hoger dan genoteerd
ottava bassa (8va., ba, ottava sotto) - een octaaf lager dan genoteerd
ouvert - losse snaar bij snaarinstrumenten
overbindingsboog - verbindt twee noten van gelijke toon hoogte tot één toon
P. - pedaal
p - piano
pacato - rustig
parlando (parlante, partato) - sprekend, in zang, nagenoeg gesproken
passionato (pass.) - harstochtelijk
passione (con passione) - met hartstocht
pastoso - week, zoetig
patetico (pathétique) - pathetisch, hartstochtelijk
pedaal (Ped., P.) - bij de piano, rechterpedaal intrappen en daarmee de demping van de snaren opheffen, senza sordino
perdendo (perdendosi)- zich verliezend, steeds zachter wordend
pesante - zwaar, gewichtig
piacere (a piacere) - naar believen
piacevole - aangenaam, prettig
piangendo - wenend, droevig
piano (p) - zacht
pianissimo (pp, pmo.) - zeer zacht
pianissimo possibile ppp - zo zacht mogelijk
piccettato - sautillé
pieno - vol, organo pieno is het volle orgelwerk
piena, a voce - met volle stem
piestoso - medelijdend
pincé - getokkeld, pizzicato, mordent
piqué - sautillé
piu - meer
pizzicato (pizz.) - getokkeld, speelaanwijzing voor strijkers, de snaren met de vingers aantokkelen
placido - rustig, liefelijk
plaqué - akkoord in één keer laten klinken
plein-jeu - volle orgelwerk
poco - weinig
poco a poco (p.a.p.) - beetje na beetje, langzamerhand
poi - daarna
polacca (alla polacca) - op Poolse wijze
pomposo - plechtstatig, pompeus
ponticello - sul ponticello
portamento - het dragen van de melodie van de ene naar de andere toon
portato - gedragen, atriculatiewijzen tussen staccato en legato
portar al voce - de stem dragen, portamento
port de voix - voorslag, portamento
port de voix - double dubbele voorslag
possibile - mogelijk
poussé - opstreek, stokvoering
praller pralltriller, - wissel van de hoofdnoot met de bovensecunde
precipitando (precipitato, precipitoso) - haastig, ijlend
pressante (pressant) - dringend
prestant - orgelregister
prestissimo -zeer snel
presto - snel
prima volta (Imavolta) - de eerste maal
primo (Imo) - de eerste, bovenste partij bij vierhandige stukken voor piano
principale (princ.) - melodievoerende, instrumentale stem, solistisch, respectievelijk concerterend
punta d'arco (a punta d'arco) - aan de spits van de stok strijken
quasi - bijna, alsof
quieto - rustig
raddoppiare - verdubbelen, octaaf erbij
raffrenando - beteugelend
ralentir - rallentando
rallentando (rallent., rall.) - langzamer wordend
rattenando (rattenuto) - terughoudend, langzamer wordend
ravvivando - herlevend, sneller
religioso - religieus
replica - herhaling
retenant - terughoudend, vertragend
rf (rfz.) - rinforzando
r.h. - rechterhand
ricochet - stokvoering bij strijkers, de stok valt uit eigen zwaarte enkele keren op de snaren
rilasciando - ontspannend, langzamer en zachter wordend
rinforzando (rinforzato, rinf., rf., rfz.) - plotseling sterker wordend, plotseling beklemtoond, zowel een toon als akkoord
ripieno (rip.) - vol, meervoudig bezette tuttistukken
riposato - uitgerust
riprendere - terugnemend, van het oude tempo
risoluto - resoluut, vastberaden
ristringendo - aantrekkend, sneller wordend
ritardando (ritard., rit.) - langzamer wordend
ritenente - terughoudend
ritenuto (rit.) - plotseling langzamer
roffel (tr.) - snelle toonsherhaling bij slaginstrumenten als pauken, trommels, triangels enzovoort
rubato (tempo rubato) - geroofd, vrijheid in tempo, niet streng in de maat
rustico - landelijk, boers
S - segno
saltato - sautillé
sautillé - gesprongen, stokvoering bij strijkers, licht verende, van de snaar afspringende streek
scemando - zachter wordend
scherzando (scherzoso) - schertsend
schiettamente (schietto) - zuiver, eenvoudig
schleifer - voorslag met twee of meer noten, die trapsgewijs, nagenoeg altijd van onderaf, naar de hoofdnoot leiden
schneller - voorslag gelijkend op de praller
scintillante - fonkelend, glinsterend
scioltamente - vluchtig
sciolto - opgelost, vrij in voordracht, als articulatieaanduiding zoveel als non legato
scivolando - glijdend, glissando
secco - droog
seconda volta - de tweede maal
secondo (II0) d- e tweede, onderste partij bij vierhandig pianospel
segno - teken aan het begin of einde van een herhaling
segue (seg., S) - wordt vervolgd, gaat verder, bijvoorbeeld op de andere pagina
semplice - simpel, eenvoudig
sempre - alsmaar
sentito - gevoelig, met uitdrukking, expressief
senza - zonder
senza misura - vrij in tempo
senza replica - zonder herhaling
senza sordino - zonder demper
sereno - helder, rustig
serio (serioso) - ernstig
sforzando (sforzato, sf., sfz.) - plotseling sterker, beklemtoond, geldt voor een toon of akkoord en moet steeds relatief worden opgevat
sforzatissimo (sffz) - sterk sforzato
sforzato piano - sterk beklemtoond en meteen weer zacht
simile - op dezelfde wijze
sin'al fine (sin'al segno) - tot aan het teken
sinistra - (mano, colla sinistra,) ( c.s.) met de linkerhand
slancio (con slancio) - met vaart
slargando - breder wordend, langzamer
slentando - langzamer wordend
smanioso - heftig verlangend, hartstochtelijk
sminuendo - minder wordend in volume, zachter wordend, diminuendo
smorendo - stervend, zachter en langzamer wordend, morendo
smorzando (smorz). - uitdovend, uiterst langzaam en zacht wordend, wegstervend
snello - behendig
soave - zoet, zacht, liefelijk
sollecitando s- neller wordend, dringend
solo - alleen, solistisch
sopra - boven
sordino (con sordino, con sord.) - demper, met demper
sospirando - zuchtend
sostenendo (sostenuto, sost.) - terughoudend, in tempo gedragen, iets langzamer
sotto - onder
sotto voce (s.v.) - onder de stem, niet voluit gezongen, maar met gedempte stem
soupirant - zuchtend
sourd - gedempt
spianato - vlak, effen
spiccato (spicc) - losgemaakt, sautillé
spirito (con spirito) - met geest
spiritoso - met geest
Sprechstimme - notatiewijze voor ritmisch vastgelegde spreekstem, voor qua ritme en qua hoogte vastgelegde spreekstem
staccatissimo - zeer sterk staccato
staccato (stacc) - gestoten tonen, duidelijk van elkaar gescheiden
stamtonen - de tonen a, b, c, d, e, f en g>/p>
stendendo - ontspannend, langzamer wordend
stentando (stentato) - moeizaam, slepend, langzamer wordend
steso - langzaam
stesso - dezelfde, hetzelfde
stinguendo - oplossend, steeds zachter
stokvoering - houdt verband met de toonvoortbrenging en de articulatie op strijkinstrumenten
strascicando - slepend
strepitoso - luidruchtig, met veel lawaai
stretto eng, - gedrongen
stringendo - sterker en sneller wordend
striscando - kruipend, chromatisch glijdend, glissando
su (sul) - op
suave - zoet
subito - plotseling, meteen
suffocato - gesmoord, gedempt
suivez - speelvoorschrift voor de begeleiding, die solostem in tempo en dynamiek volgt, colla parte
sul G - op de G-snaar
sulla tastiera - op de toets, flautando
sul ponticello - stokvoering, vlakbij de kam strijken
sur la touche - op de toets
sussurando - fluisterend
svegliando (svegliato) - opgewekt, monter
svelto - vlug, behendig
tacet (tac.) - zwijgt, dat wil zeggen een stem in het orkest pauzeert tijdelijk
talon (au talon) - slof van de strijkstok, aan de slof te spelen
tanto - zo zeer, zo veel
tardamente (tardo) - langzaam
tardando - langzamer wordend
tasto solo (T.s., t.s). - basso continuoaanwijzing, slechts de basstem zonder akkoordopvulling spelen
tempestoso - stormachtig
tempo - -tijd, tijdmaat, a tempo
tempo giusto - in het juiste tempo
tempo rubato - vrijheid in tempo
tenendo - uithoudend
teneramente - zacht
tenuto (ten.) - ingehouden, toon lang aanhoudend
tosto - snel, vlug
tr. - triller
tranquillo - rustig
trascinando - slepend
trattenuto - opgehouden, terughouden
tre - drie
tre corde - met drie snaren, bij de piano zonder verschuiving
tremolando (trem.) - tremolo, snelle afwisseling van twee tonen, die een terts of verder uit elkaar liggen
triller (tremblement) - snelle afwisseling van een hoofdnoot met de kleine of grote bovensecunde
troppo - te veel, te zeer
t.s. - tasto solo
turco (alla turca) - Turks
turn - dubbelslag
tutta le corde - alle snaren, verschuiving
tutti - alle, in concertante orkestmuziek tegengestelde van de soloepisodes
una corda(u.c.) - één snaar, verschuiving
ungherese (all' ungherese) - Hongaars
unisono (unis., all'unisono) - eenklank, samen spel van verschillende stemmen of instrumenten in eenklank of octaaf, a due
un poco - een weinig, een beetje
un sopra - zoals boven
vacillando - wankelend, onzeker
velato - gesluierd, gedempt
veloce - snel, gezwind
verschuiving - linkerpedaal bij de vleugel, het verschuift de hamertjes
versieringen - het mooier maken van een melodie
vibrato - beven, vooral bij strijkers een kleine en snelle verandering van de toonhoogte
vide (vi-de) - beide lettergrepen markeren begin en einde van een fragment dat overgeslagen moet worden
vigore (con vigore) met kracht
vigoroso - krachtig
vivace - levendig
vivacissimo - uiterst levendig
vivo - levendig
voce (colla voce) - stem, met de stem, als colla parte, mezza voce, sotto voce
voet (4', 8', 16', 32') - registeraanduiding, die betrekking heeft op de pijp- en snaarlengte bij orgel, klavecimbel enzovoort
voile - gesluierd, gedempt
volante - vluchtig, vliegend
volta - due volta, prima volta
volteggiando - handen kruisen
volti subito (v.s.) - sla snel om
volubile - onbestendig, veranderlijk
voorslag - ersieringsnoot, die aan een hoofdnoot voorafgaat, meestal de dissonerende boven- of ondersecunde
v.s. - sla snel om
vuota (corda vuota) - losse snaar
zingarese (alla zingarese) - op zigeunermanier